'De Maas'


De Maas

Kom ik in Ravenstein
Wil  ik even bij haar zijn
Een bezoekje waar ik naar uitkijk
De Maas, mijn rivier aan de dijk
 
Ik zie opspattende golven
Als handen, die wuiven en draaien
Die even naar mij zwaaien
Alsof zij mij wil laten weten.
Dat zij mij niet is vergeten
 
Jeugdliefdes zaten hand in hand
Bij haar aan de waterkant
En als dan het eerste
Verlegen kusje daar was
Glimlachte zij minzaam
Vanaf de waterplas
 
Samen met de gracht
Heeft zij veel Ravensteiners
Het vissen bijgebracht
In haar stroming en golven
Van verlangen
Heeft zij veel Ravensteiners
Met open armen ontvangen
Om haar te kunnen temmen
Heeft zij veel mensen
leren zwemmen
 
De veerpont droeg zij jaren
in haar hand
Naar Niftrik en dan weer naar
De Ravensteinse kant
Maar op een dag
Deed zij dat voor de laatste keer
Door de Maasbrug kon
Men sneller heen en weer
En werd de mooie Jeanne
Uit de Maas verbannen
 
Massa’s schepen nam zij op haar sterke rug
Bracht hen heen en ook weer terug
Duikend onder de Ravensteinse bogenbrug
Richting west of richting oost
Met vaders, moeders en hun kroost
 
Met Nol van Zwam de veerpontbaas
Mocht ik heen en weer over de Maas
Dat voelde als een grote eer
hem te mogen helpen op het veer
 
Speelde het eerste elftal aan de dijk
Was ik de koning te rijk
Met de misthoorn van de pont
Blies ik de pollen uit de grond
Ze namen de tegenstander te grazen
Het voelde of ik ze
Naar de overwinning had geblazen
 
De Maas is de oorsprong van de stad
Zonder Maas Hadden we mogelijk geen Ravenstein gehad
Ze zullen altijd met elkaar verbonden zijn
De Maas en het stadje Ravenstein
 
Antoon van Lanen 2024

Ode aan de Maas bij Ravenstein mijn geboortestadje

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.